nr4 • 2025 • Moderne profeten in Amerika
39e jaargang nr. 4 (juli 2025)
thema: Zomernummer
Barbara Lamain
Moderne profeten in Amerika: Bernie Sanders, Cory Booker en ‘AOC’
Drie personen. Met drie verschillende etnische achtergronden. Uit drie verschillende tradities. Representanten van drie verschillende generaties. Verbonden in geloof. En verbonden in hun strijd in Amerika tegen het autocratische Trump-bewind, en voor de democratie, het recht van de armen en persoonlijke en publieke vrijheden. Het duidelijkste politiek verzet en het duidelijkste geloofsgetuigenis in de Amerikaanse politiek komt nu vanuit mensen die vertegenwoordiger zijn van een culturele en etnische minderheid met een geschiedenis van achterstelling en onderdrukking.
In het tijdperk van de regering Trump II spreken zij zich uit tegen de corruptie van het regime, tegen de inperking van vrijheden en burgerrechten, tegen de economische ongelijkheid en belastingmaatregelen die de rijken bevoordelen, tegen het uitkleden van de ziektekostenverzekering, het desastreuze binnenlandse en buitenlandse beleid. En voor ziektekostenverzekering voor allen, een rechtvaardige verdeling van de rijkdom, voor gelijke rechten voor ieder, toegang tot onderwijs, een humaan asielbeleid en het milieu, om maar een paar speerpunten te noemen. Alle drie zijn ze vaak weggezet als ‘extreem-links’, als gevaar voor de democratie en als socialistisch-communistisch. Hun boodschap klinkt luider en duidelijker dan ooit.
Bernie Sanders
In het rijtje van deze drie politici is Bernie Sanders (1941) de ‘oude bekende’. Hij groeit op in een Joods gezin in New York, als kind van Pools-Russische Joodse emigranten. Zijn ouders hebben het niet breed en moeten beiden hard werken om de eindjes aan elkaar te knopen. Een context die voor Sanders vormend is geweest in zijn weg naar politiek activisme. Begin jaren zestig raakt hij als student betrokken bij de burgerrechtenbeweging van Martin Luther King, waar hij ook voor gearresteerd wordt.
Van 1981 tot 1989 is hij burgemeester van Burlington, Vermont. In 1990 wordt Sanders gekozen als vertegenwoordiger in het Huis van Afgevaardigden. Hij schrijft hiermee geschiedenis: voor het eerst sinds veertig jaar is er weer een partijloze politicus in het lagerhuis van het Amerikaanse Congres. Als afgevaardigde verzet hij zich tegen de oorlog in Irak, de toenemende economische ongelijkheid en milieuvervuiling door grote bedrijven. Hij uit kritiek op de laksheid en corruptie van vele politici, zowel Democraten als Republikeinen.
Van 1991 tot 2007 zetelt hij namens de staat Vermont in het Huis van Afgevaardigden. Sindsdien is hij senator namens dezelfde staat. Sanders is de langstzittende onafhankelijke volksvertegenwoordiger in de geschiedenis van het Congres. In 2016 en 2020 stelt hij zich kandidaat voor het presidentschap namens de Democratische Partij. Hij verliest in de voorverkiezingen van Hilary Clinton en Joe Biden. Vanuit de marge heeft hij al die jaren zijn geluid laten horen. Een geluid dat nu nodiger is dan ooit. En dat hij nog steeds laat horen, ook al is hij inmiddels 83 jaar.
Armoede en Joods-zijn
Wanneer Sanders wordt gevraagd naar de wortels van zijn politieke overtuigingen, dan noemt hij twee factoren. Eén factor is het feit dat hij opgroeide in een gezin dat het economisch moeilijk had. Dat deed hem beseffen dat er miljoenen mensen in die situatie verkeren. De tweede factor is zijn Joodse achtergrond. Hoewel hij uitermate kritisch is op de keuzes van de huidige Israëlische regering, zegt hij openlijk dat hij trots is om Joods te zijn. Een van de gelegenheden waarop hij zich expliciet uitsprak, was op de Presidential Town Hall van 7 december 2020. ‘Ik ben erg trots om Joods te zijn. Joods-zijn is zo’n groot deel van wie ik ben.’ De familie aan zijn vaders kant is grotendeels omgekomen in de Tweede Wereldoorlog. Hij groeide op in Brooklyn, New York. Als hij als kind met zijn moeder boodschappen ging doen, dan werden ze geholpen door mensen met de tatoeages van de concentratiekampen op hun armen. ‘Vanaf jonge leeftijd, voordat mijn politieke visie zich ontwikkelde, was ik mij bewust van de verschrikkelijke dingen die mensen andere mensen aandoen, in de naam van racisme, wit nationalisme of in dit geval nazisme.’ Die achtergrond en ervaringen zijn bepalend geweest voor zijn politieke stellingname.
‘Daarom zal ik alles doen wat ik kan om een einde te maken aan de verdeeldheid die Trump uitstort over dit land. We zijn één land. En het maakt mij niet uit of je zwart bent of wit, latino of ‘Native American’ of Aziatische Amerikaan; of je homo of hetero bent. Daar gaat het niet om. Waar het om gaat is dat ze mensen zijn, met gedeelde dromen en verlangens.’ Hij wordt gedreven door de overtuiging dat we moreel en ethisch niet het recht hebben om onze rug toe te keren naar mensen die ons nodig hebben. Onlangs hield hij samen met Alexandria Ocasio-Cortez een tour langs allerlei plaatsen in Amerika: ‘Fighting the Oligarchy’ (zie hieronder).
Cory Booker
Cory Booker (1969), kind van African-American ouders, groeit op in New Jersey. De kerk van zijn jeugd is een kleine African Methodist Episcopal Church. Dit kerkgenootschap heeft een lange geschiedenis van opkomen voor sociale gerechtigheid, gelijkheid en burgerrechten en heeft tevens een belangrijke rol gespeeld in de afschaffing van de slavernij en de burgerrechtenbeweging in de jaren zestig van de vorige eeuw. Na zijn studie kiest Booker ervoor om zich in te zetten voor de publieke zaak. Van 2006 tot 2013 is hij burgemeester van Newark. Vanaf 2013 is hij senator namens New Jersey.
Bijbelse marathonspeech in Senaat
Onlangs heeft Booker geschiedenis geschreven in de Amerikaanse Senaat. Van 31 maart tot 1 april houdt hij gedurende 25 uur en vijf minuten de langste speech die ooit in de Senaat is gehouden. Het record hiervoor stond op naam van senator Strom Thurmond. In 1957 hield hij een speech van meer dan 24 uur, met als doel een wet voor gelijke burgerrechten voor zwarte en witte Amerikanen te dwarsbomen. Booker houdt zijn speech om luid en duidelijk een tegengeluid te laten horen tegen het Trump-regime. Opvallend is dat deze speech doorspekt is van bijbelse thema’s en verwijzingen. En dat Booker zelf ook expliciet verwijst naar zijn christelijk geloof als motivatie en bron voor volharding in deze marathonspeech.
Naderhand vragen verslaggevers hem hoe het hem lukte om zo lang de Senaat toe te spreken zonder te rusten, zonder te gaan zitten, en zelfs ook zonder naar het toilet te gaan. Hij vertelt wat hij heeft gedaan om zich voor te bereiden op deze uitputtingsslag. Hij heeft van tevoren zijn lichaam hierop voorbereid door te vasten en zichzelf uit te drogen. Maar dat is niet het enige. Hij heeft van tevoren gebeden met verschillende mensen, tot op de vloer van de senaatszaal.
Booker vertelt verder. Van tevoren had hij alles uit zijn portemonnee gehaald, behalve een kostbaar bezit dat hij met zich meedraagt. Een handgeschreven kaartje met daarop zijn favoriete bijbeltekst. Op het briefje staat Jesaja 40:31: ‘Maar wie hoopt op de Heer krijgt nieuwe kracht: hij slaat zijn vleugels uit als een adelaar, hij loopt, maar wordt niet moe, hij rent, maar raakt niet uitgeput.’
In de ruim 25 uur dat Booker aan het woord is, refereert hij aan de tweeduizend bijbelteksten die gaan over zorg voor de armen en onze verantwoordelijkheid ten opzichte van de meest kwetsbare mensen. Er volgt een opmerkelijke uitwisseling tussen Booker en senator Chris Coons van Delaware. Ze bespreken de woorden van Jezus uit Matteüs 25 en de zorg voor ‘de minsten van mijn broeders en zusters’. Ook Lucas 4 wordt genoemd, waar Jezus aankondigt dat het evangelie goed nieuws is voor de armen.
Naast alle bijbelse verwijzingen bevat de speech ook een ‘call to action’, die qua retoriek en inhoud regelrecht uit een zwarte kerkdienst had kunnen komen – de plek waar Booker vanaf zijn vroegste jeugd gevormd is en hem tot de senator maakte die hij is. Hij benadrukte: we leven niet in een normale tijd, maar een abnormale tijd. This isn’t about ‘left or right, it is about right and wrong.’ Dit is een ‘moreel moment’ dat een beroep op ons doet.
Alexandria Ocasio-Cortez: ‘AOC’
Alexandria Ocasio-Cortez (1989) groeit op in The Bronx (New York) in een katholiek gezin van Puerto Ricaanse achtergrond. Na haar studie gaat ze werken als serveerster en onderwijzeres. In 2018 stelt AOC, zoals ze wordt genoemd, zich kandidaat in de Democratische voorverkiezing voorafgaand aan de verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden. Ze is de eerste sinds 2004 die de zittende afgevaardigde Joseph Crowley – die onverslaanbaar werd geacht – uitdaagt, en het van hem wint. The Guardian noemt haar overwinning ‘een van de grootste revoltes in de recente Amerikaanse politieke geschiedenis’ (The Guardian, 27 juni 2018). Vervolgens wint ze de verkiezingen van de Republikeinse kandidaat met 78 procent van de stemmen en wordt ze het jongste vrouwelijke congreslid ooit.
‘Fighting Oligarchy’
Dit voorjaar is ze samen met Bernie Sanders door het land getrokken voor de ‘Fighting Oligarchy Tour’, waarbij ze ook juist ‘swing states’ en Republikeinse staten bezoekers om de kiezers daar te mobiliseren, om druk te zetten op hun vertegenwoordigers in D.C. om tegen Trumps beleid te stemmen en onder andere tegen de invloed van rijken en bedrijven die de Amerikaanse politiek domineren. AOC en Sanders geven de mensen vooral ook hoop. Hoop dat het anders kan dan wat ze nu zien gebeuren. Hoop dat er meer mensen zijn die het goede willen dan die zich inzetten voor de huidige oligarchie. Hoop dat gewone mensen werkelijk het verschil kunnen maken.
Als Christus hier binnenkwam…
Over de motivatie en overtuiging die hieraan ten grondslag liggen, is AOC duidelijk. Daar spreekt ze zich expliciet over uit bij een commissie hoorzitting van de Senaat op 27 februari 2020. Ze zegt het volgende: ‘Ik worstel ermee of ik deze vraag beantwoord vanuit mijn taak als wetgever of vanuit mijn geloof. Het is heel moeilijk om hier te zitten en te luisteren naar argumenten in de lange geschiedenis van dit land, waarbij de Bijbel gebruikt wordt als wapen tegen mensen en waarbij de Bijbel misbruikt wordt voor onverdraagzaamheid. “White supremacists” hebben het gedaan; mensen die slavernij verdedigden hebben het gedaan; de mensen die streden tegen gelijke rechten voor zwarte mensen hebben het gedaan. En we zien het vandaag. En soms, vooral op deze plek, heb ik het gevoel, dat als Christus zelf door deze deuren zou lopen, en als Hij zou zeggen wat Hij zei duizenden jaren geleden – dat we onze naaste moeten liefhebben, en onze vijand. Dat we de vreemdeling moeten verwelkomen en ons inzetten “voor de minsten van mijn broeders”. Dat het gemakkelijker is voor een kameel om door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke om het koninkrijk van God in te gaan – Hij zou worden weggezet als radicaal, en Hij zou verworpen worden van deze plek. En ik weet, en het is deel van mijn geloof, dat alle mensen heilig zijn. Onvoorwaardelijk. Het is niet aan ons om van sommige mensen te houden; we zijn geroepen om alle mensen lief te hebben.’
Menselijke verdorvenheid – menselijke waardigheid
Een speerpunt dat Sanders, Booker en AOC met elkaar gemeenschappelijk hebben juist vanuit hun geloof, is de waarde en waardigheid van elk mens, zoals AOC hierboven verwoordt. En dat werpt een vraag op aan Amerikaanse christenen – en aan ons. In beide verkiezingsoverwinningen heeft zo’n tachtig procent van de ‘evangelicals’ op Trump gestemd. De vraag is: hoe spreken wij in de kerk over de waarde en waardigheid van de mens? In veel van de kerken van de ‘evangelical’ stemmers wordt de verdorvenheid van de mens benadrukt. Hoe vertaalt deze theologische nadruk zich in de publieke sfeer? Wat betekent dat voor hoe we kijken naar en omgaan met onze medemens? Wat betekent dat voor wat we accepteren van een leider en van een regime? Waar de verdorvenheid van de mens wordt gepredikt ten koste van de waardigheid van de mens als schepsel van God, begeven we ons op heel glad ijs. Zou dan zelfs deze ‘leerstelling’ niet de weg kunnen banen voor autoritaire politiek en inperking van de democratie en het ontmenselijken van groepen mensen? Net zoals dat het geval is geweest bij het rechtvaardigen van het Europese kolonialisme, de slavernij en de rassenongelijkheid die generaties lang norm is geweest in Amerika en doorwerkt tot op de dag van vandaag in het witte superioriteitsdenken.
Wat een zegen dat er profetische stemmen klinken. Juist vanuit de etnische en culturele achtergronden die lange tijd te maken hebben gehad en hebben met achterstelling. Juist zij laten merken wat hun geloof betekent in de politiek. Juist zij benadrukken: elk mens is heilig, want elk mens is een schepsel van God.
B.E. Lamain is predikant van de Protestantse Wijkgemeente Binnenstad-Vrijenban te Delft.
Mailadres:
- Raadplegingen: 131