
‘De zondag is een dag van zonnige ernst. Maar dan is de maandag een dag van ernstig spel. Nu gaan wij aan ons werk. Dat mogen wij doen. Daarmee wordt ons leven gevuld. De bedoeling van alle arbeid is, dat de kinderen Gods hun bezigheid zouden hebben. En dat daarin God gediend zou worden. De dagelijkse arbeid is dienst, eredienst, liturgie van God, een zesdaagse echo van de liturgie van de ene dag.’ ('Op maandagmorgen' uit Verhuld bestaan)
Van Ruler daagt mij nog altijd uit om niet te vallen in de valkuil van een verdeeld leven. Het hele leven heb ik te leven voor Gods aangezicht. Hij is koning van heel mijn levenshuis: van de hal, de keuken, de woonkamer, de garage en de slaapkamer.
Analytische aanpak
Mijn wieg heeft gestaan op de Veluwe, waar ik opgroeide in een warm en mild bevindelijk nest. Geloof was in mijn beleving met name iets tussen God en mijn ziel. Al moet ik tegelijk zeggen dat het gewone leven wel helemaal onder het beslag lag van Gods heiligheid. Geloof en het concrete leven werden met name beleefd in de sfeer van de voorzienigheid. Toen ik als jongvolwassene verhuisde naar het westen van ons land en aan de Technische Universiteit Delft begon met mijn studie elektrotechniek veranderde er veel. Op de TU ontmoette ik docenten die een zeer groot vertrouwen hadden in het menselijk denken en kunnen. Woorden als afhankelijkheid en ontvankelijkheid kwam ik daar in feite niet tegen. Het wereldbeeld was (on)uitgesproken immanent. Ik was lid van de studentenvereniging CSFR te Delft. Daar hoorde ik voor het eerst in m'n leven iets over Van Ruler. Het eerste boekje van hem dat ik kocht ging over de Psalmen. Als ouderejaars volgde ik op vrijdag colleges reformatorische wijsbegeerte bij professor E. Schuurman. Daar kwam het gedachtegoed van Van Ruler ook nogal eens langs.
Pas toen ik was afgestudeerd en werkte als ontwerper van trein- en trammotoren, ben ik echt met Van Ruler aan de slag gegaan. Juist toen ik afgestudeerd was, kwamen in mijn hart de kritische vragen op. Klopt het wel allemaal wat ik lees in de bijbel? Is er wel echt een God? Ongemerkt was ik meer gevormd door mijn studie dan ik zelf door had. Mijn wereldbeeld was beetje bij beetje meer gesloten geworden. De meditaties van Van Ruler raakten me diep, omdat ik bij hem proefde dat ik als gelovige mocht nadenken. Zijn analytische aanpak vond (en vind) ik een feest. Van Ruler nam de mens serieus in zijn denken en handelen. Tegelijk verbond hij dat met geloven in God. Zijn vaak originele benadering prikkelde mij. Ook ervoer ik bij hem ruimte voor mijn gewone werk. Naast mijn existentiële vragen had ik ook mijn vragen over geloof en wetenschap. Hoe verhoudt mijn geloof zich nu met mijn technische studie en arbeid? Van Rulers manier van theologiseren - betrokken op de schepping en de cultuur - gaf mij ruimte. De mens is geroepen om te leven en te arbeiden voor Gods aangezicht. En juist Van Ruler wilde niet die tweedeling van ons leven: mijn leven als techneut en mijn leven als gelovige. Bij hem proefde ik een volmondig 'ja' richting de cultuuropdracht van een christen...............
Drs.ir. Ton Jacobs is predikant (PKN) te Leiden
Mailadres:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Voor een nieuw abonnement, klik hier
Voor losse nummers, klik hier